Leert je belachelijk goed zakelijk bloggen

Wat is goed schrijven?

je weet meteen wie een goede schrijver isAls kleuters wisten mijn kinderen het al binnen één bladzijde: hou maar op, dit boek is niks. Hoe kan dat?

Schrijver en lezer voeren een korte onderhandeling. In de eerste regels van een boek, een artikel of een blog schenkt de lezer een schrijver zijn vertrouwen: hij is bereid om mee te gaan in diens gedachten (suspension of disbelief). Maar dat vertrouwen krijgt de schrijver niet cadeau. Hij moet de lezer direct overtuigen dat hij meester is van zijn verhaal.

Hoe laat hij dat zien?

Daar gaan we het in dit boekblog over hebben. Kort samengevat komt het hier op neer:

De schrijver weet wat hij wil zeggen en hij doet dat op de eenvoudigste en de kortste manier. Simpel is altijd beter dan ingewikkeld.

De schrijver zet de lezer meteen middenin het verhaal.

De schrijver is stellig. Hij aarzelt niet. Hij heeft de leiding.

De schrijver laat de lezer conclusies trekken. Hij geeft argumenten, concrete voorbeelden, betekenisvolle details, maar hij kauwt niet voor wat de lezer moet denken.

Hij schrijft concreet. Specifiek. Actief. Hij zorgt dat de lezer beelden ziet en geluiden hoort. De lezer voelt zich deelnemer van wat er gebeurt.

Zijn tekst heeft een heldere indeling en een prettig ritme.

De schrijver verrast de lezer voortdurend. Soms met zijn informatie,  uitdrukt, soms met zijn stijl.

En als de schrijver dat allemaal goed doet, als hij mooi en interessant schrijft, en dat niveau de hele tekst volhoudt, dan is zijn werk troostend. Kwaliteit troost altijd.

Wat is goed schrijven?

Je kunt het samenvatten in vier woorden: versimpelen, verbeelden, versieren en verrassen.

Onder versimpelen reken ik ook: eenvoudig en helder argumenteren.

Ik stel voor dat we beginnen met versimpelen.

tips voor beter bloggen

boekblog over blogstijl

Over Kitty Kilian

Kitty Kilian

Schreef voor NRC Handelsblad, gaf les aan vakopleidingen Journalistiek. De Blogacademie sinds 2011. Delicate as a hand grenade. Blogt as we speak het boek Hoe schrijf je een blog? - de stijl.

Cursussen:
Blogbasics
Blogpro
Little Black Dress
Karakter & Dialoog

32 comments

  • Lekker kort en bondig en helder zoals we van je gewend zijn. Alleen het is wel erg vaak hij. De schrijver en de lezer zijn allebei mannelijk en ze spelen allebei een grote rol in je boek. Kan een van de twee niet een vrouwelijk personage worden? Dan heb ik het gevoel dat het ook over mij gaat en vind ik het prettiger lezen.
    Zelf kies ik daarom wel voor de meervoudsvorm. Dan ben je van het probleem af.

      • Ik heb het artikel uit de Volkskrant nog niet gelezen. Ik word nieuwsgierig.

        Afwisselen kan ook, maar ik
        stelde me eerder voor om van de lezer een hij te maken en van de schrijver een zij. Of andersom. Het woord schrijfster vind ik niet mooi. Maar dat is persoonlijk. Ik gebruik altijd de term schrijver, voor welke gender dan ook. ;-)

          • Ja, goed punt om over na te denken. Ik worstel daar ook mee. Ik moest over piloten schrijven en verwees met hij of zij. Niet mooi, maar er bestaat niet eens een ‘piloteres’. De eindredacteur veranderde alles in alleen ‘hij’, vanwege de leesbaarheid… En toen las ik ook dat Volkskrant-artikel. Ik ben er nog niet uit.

            • Pilote. Stom, moeheid, want laat op de avond? Of tekenend dat ik net niet op de vrouwelijke vorm van piloot kwam? Ook tijdens het schrijven van de tekst over piloten niet aan gedacht.

              • Ik vind het zelf wel leuk om af en toe een beetje met die stereotypen te spelen. Dit doe ik dan door eerst een neutrale term te gebruiken, zoals de manager. In een latere zin maak ik dan duidelijk dat de manager een vrouw is. Deze voorbeelden zijn alleen erg kort, misschien een paar alinea’s. In een boek moet je wel consistent zijn, zodat je niet in de war raakt als je terugbladert.

                Als je met namen gaat werken wordt het trouwens helemaal lastig. Hoe moet de verdeling zijn tussen mannen- en vrouwennamen? Moet daar ook etnische diversiteit in zitten? Welke etniciteiten dan? En hoe zit het dan met namen die alleen in bepaalde regio’s veel voorkomen zoals Tjibbe, Sjraar of Sjef.

                • Ja, kijk, je kunt eindeloos ver gaan. Maar als je het stuk goed leest, zie je dat het in elk geval wel degelijk uit maakt (voor vrouwen) of je ook vrouwelijke termen gebruikt. Dus ik zal er even over denken. Zelf wissel ik het weleens af in langere stukken de ene keer schrijver, de andere keer schrijfster. Dat heeft niet te maken met in de war brengen, vind ik, maar met een verfrissende omverwerping van vooroordelen. Zoals de chirurg in het artikel, van wie we automatisch verwachten dat zij een man is ;-) Dus ik denk dat dat wel een goede oplossing kan zijn, hier.

                  • Ik begrijp heel goed dat de keuze voor het geslacht van de schrijver invloed heeft op hoe vrouwen de tekst ervaren. Echter denk ik het omgekeerd net zo werkt. Niet vanuit het oogpunt van genderstereotypen, maar wel vanuit de beleving. Als een vrouw iets versiert, heb ik daar andere associaties bij dan wanneer een man dat doet. Laat staan wanneer het over iets gaat dat voor mij wat ongrijpbaar is. Als een vrouw iets op intuïtie doet, moet ik een sprongetje maken in mijn gedachten.

                    Het spanningsveld tussen consistentie en verrassing is interessant. Het zou nooit in mij opkomen om niet consistent te blijven met zoiets als het geslacht van de hoofdpersoon – zo zie ik de schrijver toch wel een beetje. Ik zou in de voorbeelden dan de stereotypen aan de kaak stellen. Misschien moet ik eerst even kijken hoe het uitpakt als je gaat variëren, want de wisselingen kunnen ook functioneel zijn.

                    • Virginia Woolf deed het al in Orlando ;-) Het is een vaker toegepaste tussenweg – een uitvinding van feministen.

                      Maar heb je het artikel gelezen? Want het is een nogal overtuigend verhaal.

  • ‘De schrijver heeft de leiding’ mooi hoe je dit aan het eind doet met je laatste zin.

    Waarom is een goed geschreven verhaal altijd troostend?

  • Zijn het niet juist de mensen die zeggen dat ze zich niet aangesproken voelen door een mannelijke beroepsaanduiding zich beter kunnen aanpassen? Ik bedoel: We kunnen toch ook zeggen: piloot is de genderneutrale naam van een beroep? Dat we het pas als mannelijk zijn gaan zien toen vrouwen het ook gingen uitoefenen? Dat we dat misschien nu niet zo voelen is omdat we anders geleerd hebben.

    Dat stuk in de volkskrant: Ik snap dat het taalgebruik invloed heeft op het denken, maar.. als we dat willen veranderen, is het dan niet beter om er vooral niet in mee te gaan? Even volhouden, en over twee generaties snappen we het, denk ik dan.

    • Nee, je hebt het te snel gelezen. Als die onderzoeken kloppen- en Margreet Vermeulen is zelf ook verbaasd – werkt het wel degelijk, vrouwelijke beroepsuitoefenaars met een vrouwelijke vorm van die beroepsuitoefening aanduiden (pfff, wat een zin.)

      Iedereen heeft rolmodellen nodig. Als je de vrouwelijke vorm uit het taalgebruik weglaat, laat je ook rolmodellen weg.

      Ik heb het altijd irritant hypercorrect gevonden om ergens m/v achter te zetten. En volgens haar informatie werkt dat ook niet. Ik vind ook de vrouwelijke vorm van een beroep benoemen een beetje slap. Maar dat komt mogelijk precies door mijn toch nog altijd enigszins patriarchale frames. Zie haar voorbeeld over de mannelijke en vrouwelijke vorm van het woord brug in Spanje en Frankrijk en de reacties daarop.

      • Em.. Je zegt dat ik te snel lees, maarre.. volgens mij zijn we het eens.

        Behalve dan over die rolmodellen, nu. Ik denk niet dat als je vrouwelijke vorm uit de taal schrapt ook rolmodellen weglaat. Dat het sommigen nu even niet lukt om zich ermee te vereenzelvigen, dat lijkt me een kwestie van tijd.

        En verder vind ik het ingewikkeld. Maar ook interessant.

          • Ja, eens. Er zit natuurlijk ook het woord ‘man’ in je voorbeeld. En dat mensen het neutrale woord brandweer associëren met mannelijk, komt -misschien- omdat de meeste brandweermensen mannen zijn. Verander dat, en na een tijdje verandert die associatie.

            Maar misschien ook niet, en zit het in onze hardware. Zoals heel jonge kinderen vaak denken dat tijgers vrouwtjesleeuwen zijn, zoiets.

  • Ik begrijp het, het is duidelijk, maar komt minder binnen. Ik vermoed doordat je steeds over ‘de schrijver’ en ‘hij’ schrijft. Dat schept afstand. Als ik lees “De schrijver is stellig. Hij aarzelt niet. Hij heeft de leiding.” dan denk ik ja, dat is zo bij de schrijver, maar niet bij mij. Of ik denk over welke schrijver heeft ze het eigenlijk? Ik voel me niet aangesproken.

    Maar als ik zou lezen ‘Als schrijver ben je stellig. Je aarzelt niet. Jij hebt de leiding’, dan kan ik voor mezelf nagaan of ik wel stellig genoeg ben of word ik me misschien bewust dat ik wel aarzel of inderdaad de leiding neem.

    Maar goed ik/jij/hij/zij dat is natuurlijk een keus die je maakt voor je hele boek en jij bent altijd nog degene die daarover gaat.

  • Vanaf nu niet meer hoeven zoeken.
    Troost zit in kwaliteit.
    Omdat jij naar kwaliteit streeft blijf ik lekker bij je.
    Fijn dat ik met je mee mag lezen,…mee mag leren.

Leert je belachelijk goed zakelijk bloggen
Herstel wachtwoord
Geef je e-mail adres. Een nieuw wachtwoord wordt verzonden.