Waarom bloggen meer op journalistiek moet gaan lijken

waarom bloggers meer op journalisten moeten gaan lijken

Als een journalist mij belt voor een interview zeg ik altijd nee.

Eerst vraag ik: waar gaat het over?

Het gaat altijd over geld verdienen met bloggen of reclame maken met je blog.

Dan vraag ik: wie bel je nog meer?

Ze*) heeft altijd een lijstje met vijf of zes bekende bloggers, uit verschillende gebieden. Een beauty-blogger. Een life hacker. Een mamablog. Een food blog. Een marketer soms. Een gezondheidsblog.

Ik hoor niet in dat rijtje, zeg ik dan. Ik ben een journalist, ik schrijf een soort essays. Ik check mijn bronnen. Ik vertel waar mijn informatie vandaan komt. Soms doe ik onderzoek. Ik doe niet aan advertenties.

Ze snapt het nooit.

Journalisten snappen bloggen niet. Bloggers snappen journalisten niet

Het draait om drie dingen:

– Wat is het journalistieke ideaal?
– Waar staan blogs qua objectiviteit?
– En waarom bloggen meer op journalistiek moet gaan lijken

Journalistieke idealen? Waar dan?

Het ideaal van de objectieve journalistiek is in Nederland nog maar 100 jaar oud. Europa reageerde traag op de VS. Toen ze daar in de jaren 1830 kranten per stuk gingen uitventen – de Penny Press – raakten journalisten los van partijpolitieke belangen. En uiteindelijk werd onpartijdigheid een ideaal.

Onpartijdigheid betekent: feiten en bronnen checken. En onthullen. Twee kanten van het verhaal laten zien als er persoonlijke belangen in het spel zijn. En voor de journalist: kritische zelfreflectie, en verwoede pogingen doen om jezelf van een afstand te blijven bekijken.

Objectieve journalistiek is natuurlijk nooit objectief geweest. Schrijven is manipuleren. Niettemin – elke krantenlezer weet sinds een eeuw dat de beste kranten stukken publiceren die idealiter zijn geschreven met een gezonde immer-wantrouwende geest en zonder verborgen agenda’s. Serieuze tijdschriften, radio en TV deden hetzelfde. Decennialang waren redactie en advertentie-afdeling gescheiden. Het objectiviteitsideaal was het streven.

Hoe zit dat met blogs?

Blogs werden mainstream rond 2004. Iedereen kan een blog beginnen. Blogs (en daar rekenen we posts op social media ook maar even toe) hebben de media gedemocratiseerd als niets tevoren. We hebben geen drukpers meer nodig en geen illegale radiozenders om onze mening publiek te maken. What’s not to love?

Marketers zijn er dol op, alle bedrijven doen het. Veel blogs zijn bedrijven in zichzelf. Nieuwsblogs maar ook gadgetblogs, beauty blogs, lifestyle blogs, travel blogs enzovoorts – verdienen met reclame of sluikreclame (native advertising). Het beautyblog pusht eyeliner. Het reisblog schrijft een verrukte recensie over een hotel in Rome. De lifestyle blogger krijgt meubels kado. Ze krijgen betaald per pageview – pay per click.

Wat al die blogs nodig hebben is traffic

Als je per klik betaald krijgt worden bezoekersaantallen een doel op zich. Pakkende koppen zijn een voorwaarde. Pakkende inhoud ook- hoe meer hoe beter. En waarom zouden we moeilijk doen over de inhoud? Commerciële bloggers checken zelden hun bronnen. Ze doen aan content curation zonder het curation te noemen.  Ze jatten links en rechts ideeën en recyclen ze in hun eigen woorden – hopelijk.

Alle soorten blogs kunnen onopgemerkt aan affiliate marketing doen: ze raden een dienst of een product aan en krijgen per verkoop een commissie van de dienstverlener of de producent. In Nederland is er geen serieuze sanctie als je niet vermeldt of een link een affiliate link is (p. 217), in de VS is niet vermelden strafbaar sinds 2013.

Maar wat voor soort reclame je ook toelaat: je oordelen raken altijd gekleurd als je er geld mee kunt verdienen. Dat is de reden dat reclame en inhoud bij klassieke redacties gescheiden zijn.

Hoe weten wij, lezers, nou of we met een gezonde commerciële insteek of met een gezonde kritische geest te maken hebben?

Ik zie maar één oplossing:

Bloggers moeten meer journalist worden

Hoe democratiserend blogs ook zijn, ze dragen bij aan de afbraak van de klassieke, objectieve journalistiek. Redacties van oude media runnen die steeds meer als nieuwe. Met veel columns, kortere artikelen, catchy formats.

krant gaat meer op internet lijken

De 10 vragen over Syrië die je niet durfde te stellen. NRC, januari 2014

Bij digitale uitgaven – websites – is precies te zien welke onderwerpen populair zijn en welke inhoud lezers sneller doen klikken.

Alex Beishuizen en Johannes van Bentum beschreven de vervlakkende werking van dat proces al in 2009 in Online of flatline: een uitweg uit het sterfhuis van de media. Ze waren destijds hoofdredacteuren van Computable en maakten daar in 2008 de internetredactie tot de kern van de organisatie. In Online lees je hoe vergaand Computable wordt geregeerd door de klikcijfers.

Tegelijkertijd zijn journalisten steeds meer afhankelijk van blogs en social media voor hun nieuws. Ze vinden en checken hun nieuws online. Voor de VS beschreef Ryan Holiday in 2013 al hoe makkelijk het is om publiciteit te krijgen via de juiste blogs – de blogs die journalisten lezen. Het leidt tot een nog luiere journalistiek.

En die trend neemt alleen maar toe nu de advertentie-uitgaven naar het internet blijven wegvloeien. Hoe minder kranten er komen en hoe meer de redacties krimpen, hoe minder stukken we te lezen krijgen en hoe verder de onderzoekstijd per artikel afneemt. Een einde aan die vicieuze cirkel is niet in zicht. De journalistieke controle verdwijnt uit de samenleving.

Bloggers moeten in dat vacuum stappen

Als de kranten verdwijnen moeten bloggers zich meer als krant gaan gedragen.

Ik stel voor dat bloggers, net als alle ouderwetse media sinds de jaren 1970, redactiestatuten opstellen en ze op hun blog plaatsen. Om helderheid te verschaffen over hun doelen en hun middelen.

Dit is de definitie van een redactietstatuut volgens de Nederlandse Vereniging van Journalisten:

Het redactiestatuut vormt een unieke arbeidsvoorwaarde in media-cao’s, waarbij de onafhankelijkheid van redacties wordt vastgelegd. Het redactiestatuut waarborgt de vrijheid van handelen van een redactie, zelfs als die lijkt in te gaan tegen de belangen van een concern of de commerciële afdeling. Kritiek op de eigen adverteerders of uitgevers moet immers mogelijk zijn. Dankzij het redactiestatuut hebben redacties ook een belangrijke stem bij de benoeming van een nieuwe hoofdredacteur.

Een redactiestatuut van een blog moet inzage geven in:

• Hoe het blog omgaat met advertenties, sluikreclame (native advertising) en affiliate marketing
• Hoe het blog zijn bronnen checkt
• Hoe het blog omgaat met het onthullen van zijn bronnen: als een stuk bijvoorbeeld is gebaseerd op elders gevonden content, staat dat dan duidelijk vermeld?
• Het doel van het blog – dat zou altijd openbaar moeten zijn, of het nu gaat om lezers bekeren tot het katholieke geloof of het verkopen van ecologische inlegkruisjes.

Zodat wij, lezers, in één oogopslag kunnen zien wat de intenties van een blogger zijn. En zodat we de blogger ter verantwoording kunnen roepen.

Maar waarom zou een blogger zoveel moeite doen? vraag jij

Vooral als het al een succesvol blog is, met juichende bezoekcijfers?

Uit idealisme, zeg ik.
Vanwege de wens om hun blogs en de samenleving beter te maken.

En kunnen we elke blogger met een redactiestatuut voortaan dan vertrouwen?

Natuurlijk niet. Maar ‘t is een begin.

Mijn redactiestatuut staat hier. ‘t Jouwe?

 

*) Het zijn altijd vrouwen

PS. De maandag na het schrijven van dit blog kwam ik weer een fijn staaltje jatwerk tegen op een respectabele website: Sex and Energy and Creativity bit.ly/1Auc2kV

PPS. Lees Influencer marketing is een ding van Elja Daae, uit april 2016, over de stand van zaken in Nederland.

 

87 reacties op “Waarom bloggen meer op journalistiek moet gaan lijken

      • ja. ik ben een wetenschappelijk illustrator, ook nog eens lid van de vereniging van wetenschapsjournalisten. Mijn werk moet in de eerste plaats correct zijn, daarna pas een emotie oproepen. Dus zorg ik dat mijn blogs dat ook altijd zijn. Ik zoek alles uit en check alles voor ik het schrijf.
        Vergeet niet, ik zit in een heel andere branche. En om me heen zie ik steeds meer zeer waardevolle wetenschappelijke blogs ontstaan. Waar ik een groot deel van mijn nieuws vandaan haal omdat ze gewoon beter zijn dan wat er in de media staan. Is deze week ook nog internationaal een aardige discussie over geweest omdat volgens sommigen bloggen dood is behalve bij wetenschappelijke blog.
        Darren Naish bv spoorde iedereen in onze kringen aan juist te gaan bloggen: https://mobile.twitter.com/TetZoo/status/575601572077572096

        • Dat klopt, en dat is geweldig. Nieuws op je eigen vakgebied staat in gespecialiseerde blogs eerder en beter dan in algemene media.

          Ik moest lachen om het woordje want vanwege de reden die je gaf.

  1. Mooie stellingname. En je hebt helemaal gelijk. laatst zocht ik een op een bepaald onderwerp en kwam op totaal verschillende blogs letterlijk dezelfde tekst en plaatjes tegen. Wie was eerst? Waar is de bron, hoe vaak gekopieerd? Beide sites verloren mijn interesse al waren ze het eens over de inhoud. Redactiestatuut is voor mij een nieuw begrip, wel goed idee. Met een link onder iedere blog ofzo???? Succes en dank je wel voor dit artikel…

  2. Bronvermelding….-;) Redacteuren van publieksbladen gaan op 4 daagse persreizen van Ikea, de min of meer gesponsorde items zijn als dusdanig niet herkenbaar. De journalistiek kan ook van bloggers leren, en van eigen meningen zijn journalistieke producten ook lang niet vrij… Selecteren, invalshoeken kiezen en ordenen zijn moeilijk volledig objectief te doen…

    • Ieder streve naar het hoogste ideaal. Ik geef onmiddellijk toe dat de journalistiek nooit objectief is geweest. Maar publieksbladen – dan heb je het over Libelle enzo – zijn al helemaal geen journalistieke producten.

      Reclame maken voor je eigen blog in een comment hoort in blogland dan weer niet bij kwaliteitsblogs. Het idee is toch dat wat je te zeggen hebt vanzelf de aandacht trekt. Net zoals Google vindt dat goede content de beste SEO is. Zelf ben ik overgevoelig voor reclame-uitingen, het bezoedelt meteen de relatie.

      • Mea culpa, een journalist maakt direct bekend wie hij is en waarvoor hij werkt. Wat heb ik aan sluikreclame op een blog waar mijn publiek zich niet bevindt?
        De journalistiek bevindt zich in een crisis en is bezig zichzelf opnieuw uit te vinden. Nieuwe verdienmodellen te zoeken. Mee eens dat bloggers journalistieker zouden moeten gaan werken, maar echt simpel is het op dit moment allemaal niet. Het gaat er wat mij betreft vooral om transparant te zijn en daarbij kan een vorm van een redactiestatuut zeker helpen.

        • Ja, daar heb je ook wel weer gelijk in. Tuinieren is niet echt mijn ding ;-)

          Nee, echt simpel is het zeker niet. Er zijn nogal wat hele goeie journalisten zonder plek voor hun stukken. Ben benieuwd of De Correspondent het gaat redden. Ik lees hem veel te weinig, ook al krijg ik elke dag die emails binnen. Lastig. Maar abonnementen voor goede publikaties wil ik best betalen.

          Eerlijk gezegd zou het geweldig zijn als iemand een betere selectie maakte uit het veel te grote aanbod. Dat is wat de journalistiek van oudsher deed: selecties maken uit het nieuws. Dat is ook waarom ik stukken van de NYT nog steeds eerder lees dan andere, of series van de BBC eerder een kans geef: ik vertrouw op een degelijke voorselectie, zodat ik sneller de topkwaliteit informatie vind die ik zoek.

          Daar schort het bij de Correspondent nog wel eens aan, de stukken zijn vaak ietsje flimsy. Met af en toe hele goede uitschieters. Maar wat je zou willen is constante kwaliteit.

          • De Correspondent vind ik eigenlijk steeds vaker tegenvallen. Ze noemen inderdaad iets vaker hun bronnen, doen vast iets meer onderzoek, maar echt goed onderzocht is het nog steeds niet en de onderwerpen zijn vaak nog steeds populistisch. Het wordt steeds meer van hetzelfde. En het idee was zo goed.

  3. Hallo Kitty, goed om je hier weer te lezen! Essentieel om duidelijk te maken wat je uitgangspunt is, ik noem het een disclaimer ;)(http://www.marinadeboer.nl/disclaimer.html)De journalistieke blog trekt mij steeds meer ik geniet van het onderzoek en in het vinden van een manier om een vervelende boodschap leesbaar en inspirerend te maken. Precies om de reden die jij noemt overweeg ik om minder online te zetten en toch te kiezen voor een boek met online ondersteuning. vriendelijke groet! Marina

    • Precies om de reden die ik noem? Dat er zoveel gejat wordt bedoel je?

      Een disclaimer.. hm.. even denken.. als ik bijvoorbeeld kijk naar wat ze hier http://www.annotatie.nl/disclaimer.html onder een disclaimer verstaan en hier https://ictrecht.nl/diensten/juridische-generatoren/disclaimergenerator/ dan gaat het om het afdekken van juridische risico’s.

      Ik bedoel het meer in positieve zin: je uitgangspunten expliciet maken. Dat helpt jezelf en het helpt anderen. Jezelf: net zoals artsen de eed van Hippocrates afleggen. Of zoals mensen die trouwen Ja Ik Wil zeggen. Je staat er even goed bij stil. Kwestie van bewustwording. Anderen: om elke verwarring te vermijden. Ben je een modeblog en krijg je niet betaald, ook niet in natura? Dan vertrouw ik je wellicht een streepje méér.

      • Met veel van het redactiestatuut probeer je ook een soort aansprakelijkheid uit te sluiten, alleen positief geformuleerd. Disclaimers worden bovendien tegenwoordig veel veelzijdiger gebruikt dan in de beginjaren van het internet.

        • Nee, ben ik niet eens. Een redactiestatuut geeft een moreel streven weer, het is geen juridisch instrument. Voor aansprakelijkheid enz. hebben kranten juristen. Het statuut komt uit de jaren 1970, toen nog niet alles door en door verjuridiseerd was.

    • PS Zit je disclaimer nou te lezen. Haha, deze is wel briljant:

      ‘Ik hoef alleen verantwoording af te leggen aan mezelf. Dat geeft vrijheid en voor mijn gevoel is dat de enige manier om objectief te blijven.

      Als iemand mij wil betalen om objectief te blijven mag dat natuurlijk ;)’

  4. Euhm… mag ik het niet eens zijn met je?

    Ik zou het bovendien bepaald jammer vinden zelfs als bloggers zich zouden gedragen als journalistieke schrijvers. Lees wat Wikipedia zegt over het fenomeen webloggen. Waarom iets veranderen wat werkt?

    Hoewel ik denk dat je een punt hebt met de copy / paste methode van sommigen wat ik ook niet waardeer…

  5. Tja, daar moest ik dan weer over nadenken. Ben al paar weken een blog aan het voorbereiden met een aantal oplossingen voor een best heftig probleem van mijn lezers. En bij een van de oplossingen zou ik een affiliatie link kunnen invoegen. En echt, het is een oplossing waar denk ik heel veel lezers gelukkig van kunnen worden. Ik zat al te dubben. Van doe ik het wel of niet? Ik wil immers ook niet overkomen als geldwolf en geld verdienen ten koste van. Aan de andere kant levert het degene waarvan ik de link sowieso wil gaan delen ook geld op. Dus waarom daar ook niet een klein graantje meepikken. En mijn advies wordt er niet minder op. Food for thought dus. Misschien doe ik het wel, misschien ook niet.

    Ik heb overigens niet altijd problemen met affiliatie links. Ik schrijf reviews op mijn site over boeken en daar plaats ik rustig een linkje naar Bol. Ik vind het namelijk reuze handig voor mezelf en mijn lezers om hier een linkje te plaatsen waar ze het boek gelijk kunnen bestellen. Soms is dit de schrijver zelf. Soms Bol. En ja, via Bol krijg ik dan wel een klein percentage van de verkoop. Beïnvloedt dat mijn advies? Benadeel ik mensen hiermee? Maakt dat mij minder zuiver? Minder integer. Nee, voor mij niet. Ik wil altijd mezelf rechtstreeks in de spiegel aan kunnen blijven kijken.

    Integriteit dat is volgens mij waar het om draait. Ben je zuiver in wat je doet en help je mensen ermee.

    Over die link in mijn blog volgende week? Gelukkig heb ik nog een paar dagen bedenktijd.

  6. Wat een geweldig goed blog Kitty! Helder, prikkelend, sterk, en vooral heel duidelijk. Maar ja, dat is Kitty ;) . Een blog wat Echt stemt tot nadenken…

    Fijn weekend!

    Moniek

  7. Er vindt ook een beweging in de andere richting plaats. Ik citeer Clay Shirky:

    “I think this is a revolution. I think that this is a really profound change in the way human affairs are arranged. And I use that word advisedly. It’s a revolution in that it’s a change in equilibrium. It’s a whole new way of doing things, which includes new downsides. In the United States right now, a woman named Judith Miller is in jail for not having given to a Federal Grand Jury her sources — she’s a reporter for the New York Times — her sources, in a very abstract and hard-to-follow case. And journalists are in the street rallying to improve the shield laws. The shield laws are our laws — pretty much a patchwork of state laws — that prevent a journalist from having to betray a source. This is happening, however, against the background of the rise of Web logging. Web logging is a classic example of mass amateurization. It has de-professionalized publishing. Want to publish globally anything you think today? It is a one-button operation that you can do for free. That has sent the professional class of publishing down into the ranks of mass amateurization. And so the shield law, as much as we want it — we want a professional class of truth-tellers — it is becoming increasingly incoherent, because the institution is becoming incoherent. There are people in the States right now tying themselves into knots, trying to figure out whether or not bloggers are journalists. And the answer to that question is, it doesn’t matter, because that’s not the right question. Journalism was an answer to an even more important question, which is, how will society be informed? How will they share ideas and opinions? And if there is an answer to that that happens outside the professional framework of journalism, it makes no sense to take a professional metaphor and apply it to this distributed class. So as much as we want the shield laws, the background — the institution to which they were attached — is becoming incoherent.”

    (Bron: http://www.ted.com/talks/clay_shirky_on_institutions_versus_collaboration/transcript?language=en transcript 5:12)

    Slechts ter info!

    • Yep, mass-amateurisation, dat is wat er is gebeurd met publishing (en met fotografie, en video en audio). Ik ben daar ook helemaal voor, of liever: het kan allemaal naast elkaar bestaan.

      Shirky vindt dat demonstraties voor een bronbeschermingswet voor journalisten in dit tijdperk raar zijn, omdat het vak aan het verdwijnen is en er dus wel grotere zorgen zijn. Hij vindt de journalisten wereldvreemd.

      Ik betoog dat een deel van die amateurs de rol van de journalisten – of hun idealen – zouden moeten omarmen, nu de kranten desintegreren. of dat amateurs zich de journalistieke idealen kunnen eigen maken, puur omdat het geen enkel kwaad kan om feiten en bronnen te checken en hoor en wederhoor toe te passen. de wereld zou sowieso een betere plaats zijn als iedereen dat deed.

  8. Tja, als ik hier de Britse pers lees, dan zijn die helemaal niet neutraal. Ze publiceren dingen wel of niet vanwege adverteerders. Ze zijn of links of rechts – ze steunen vaak één politieke partij.

    En dan qua bloggen… ik doe zelf niet aan affiliate marketing. Maar volgens mij kun je best neutraal zijn als je wel aan affiliate marketing doet – met eerlijke reviews and nuttige informatie. En gewoon eerlijk zijn als iets een affiliate link is (als mensen daar een probleem mee hebben, dan kunnen ze de link niet gebruiken en zelf naar het produkt googelen).

    Fijn dat je er weer bent, Kitty. Heb je gemist! :)

  9. Objectiviteit bestaat niet, dat zeg ik. En ook in Engeland heb je goede kranten. Ik heb het over de kwaliteitspers.

    Ja, vermelden dat iets een affiliate link is, is een goede stap. En nee, neutraliteit verdwijnt zodra je financiële belangen krijgt. Dat zijn mechanismen waartegen je jezelf moet beschermen. Als je objectiviteit nastreeft.

  10. Goed punt, ik heb er nog geen helder zicht op. Maar objectiviteit en belangenloosheid is altijd iets om te bewaken. Sprak vrijdag bij een promotie met aantal hoogleraren van de universiteit van Tilburg. Een van hen verklaarde de universiteit als kennisinstituut als afgeschreven, voorbij. Alle kennis, informatie en overdracht gaat online, zei hij. Dat is prima, heel effectief en tijdsbesparend. Maar de grote vraag is: wie bewaakt de (wetenschappelijke) kwaliteit van de online informatie? Dat lijkt ook op te gaan voor bloggen.

  11. Nou, dat was een erg snel oordeel van die hoogleraar. Dat lijkt me grote onzin. Een publikatie op de site van Harvard of van een hoogleraar van Harvard heeft nog altijd instant credibility. Net als de NYT dat heeft. Dat iedereen online iets kan roepen wil nog niet zeggen dat er niet beter geluisterd wordt naar mensen die verstandig zijn. Maar niet iedereen luistert, en dat is ook nooit zo geweest.

    Wat wel omvalt zijn de wetenschappelijke tijdschriften. Daar ben ik erg voor, laat ze maar online gaan en gratis worden.

    Maar ik ben geen academicus, misschien ligt het genuanceerder dan ik nu veronderstel.

    In elk geval: wat media betreft: oude media die hun credibility hebben opgebouwd door over lange periodes hoge kwaliteit te leveren, zoals de NYT enz, hebben ook online die positie. Nieuwe media kunnen die net zo goed opbouwen, kijk maar naar De Correspondent. Maar het vergt investeringen en discipline en tijd.

    Mijn idee om de positie van je blog expliciet te maken voor wat betreft reclame en nieuwsgaring en selectie is serieus. Dat idee heb ik al langer. Het lijkt wat gekunsteld, maar ik denk dat het een eerste stap kan zijn. Niet iedereen wil dat, hoeft ook niet: het zou een zelfselecterend mechanisme kunnen worden.

  12. Als je inderdaad het (her)gebruiken van ideeën contentcuratie noemt, dan doen de meeste blogs aan contentcuratie. Alhoewel ze zelf zullen vinden van niet, omdat ze hun best doen er een eigen stuk van te maken, met eigen invalshoek etc.

    Wat betreft bronvermelding vind ik juist dat veel bloggers dat nog beter doen dan in de journalistiek. Als het echt gecureerd is wil een journalistiek stuk nog wel eens vermelden waar ze iets het eerst gelezen hebben, maar verder niet. Voor mij als lezer vreselijk irritant, omdat ik in sommige gevallen graag de bron raadpleeg voor het volledige verhaal of voor de details (zeker als het om rechtspraak gaat). Bloggers vermelden in die zin veel vaker de bron, door de links die geplaatst worden.

    In die zin moeten we natuurlijk ook niet alle bloggers over een kam scheren.

    En die luie journalistiek: ze bellen mij ook steeds vaker, maar per saldo kost dat alleen maar tijd, want die bronvermelding, nou ja…

    Dat redactiestatuut vind ik dan wel weer een aardig idee. Nu zeg ik dat ze een deel daarvan in een disclaimer op zouden kunnen nemen.

  13. We moeten oppassen met anecdotische bewijsvoering. Er zijn van alles goede en slechte voorbeelden. Ik heb het bewust over het nastreven van idealen, en van het je meer bewust worden van die idealen en waarom ze er toe doen.

    Journalisten jatten, bloggers jatten. (Eva Hoek gaf in haar eerste column in VK magazine wel een dramatisch slecht voorbeeld met zelfplagiaat.)

    Maar wie niks te melden heeft moet niet schrijven. Kleon heeft zooo ongelijk met ‘Artists steal’, een uitspraak die nou al drie jaar gretig wordt aangehaald op blogs in de hele wereld. Goeie kunstenaars jatten niet, ze zuigen informatie op en maken er iets nieuws mee. Voor goede bloggers en journalisten geldt hetzelfde. Voor columnisten trouwens ook.

  14. Grappig dat in de nieuwe mediawereld het wiel opnieuw wordt uitgevonden. Of eigenlijk: wel logisch, want je wilt op een gegeven moment serieus gevonden worden of niet. De journalistieke routines die je schetst werden eind 19de eeuw ontwikkeld om precies dezelfde reden als jij nu weergeeft. In de gonzende geruchtenwereld (dat is echt niet nieuw) en commerciële rimram wilden sommigen betrouwbaar gevonden worden. En toen kwamen ze met die regels. En ook met organisaties die deze regels tot een soort keurmerk probeerden te maken.
    Dat kunnen nu ook middelen zijn. Een soort blog-vakbond lijkt me een beetje uit de tijd, maar een keurmerk (zoiets als fair trade ofzo) waaraan je kan zien wat een blog waard is, lijkt me niet gek. Mijn collega Jo Bardoel (hoogleraar Journalistiek in Nijmegen) heeft daar eerder voor gepleit.
    Alleen: wie organiseert zoiets? Jij begint nu bij jezelf, Kitty. Dat is prima natuurlijk, maar kan je niet iets bedenken (een stempel of keurmerk) dat een meer universele betekenis heeft?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *